De term 'duurzame ontwikkeling' komt van de Verenigde
Naties. In 1987 stelde de commissie Brundtland het
rapport 'Onze gezamenlijke toekomst' voor, waarin 'duurzame
ontwikkeling' de kern is.
Ze omschreef dat als 'zodanig omgaan met de aarde, dat alle
mensen in hun behoeften kunnen voorzien, ook de toekomstige generaties.'
Duurzame ontwikkeling heeft dus verband met ontwikkelingssamenwerking en
met milieubehoud .
Duurzame ontwikkeling betekent ook een koppeling van welvaart
en welzijn; van economische groei en verbetering van de leefomgeving.
" Duurzame ontwikkeling wordt gezien
als een proces met economische,
ecologische en sociale dimensies . Essentieel is de
samenhang van deze dimensies. Belangrijk is ook dat er in de
samenhang van deze dimensies rekening wordt gehouden met het
werk van toekomstige generaties en met mensen elders op de
wereld." (Nationale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling-NL)
De uitdrukking is helemaal in de mode geraakt na de conferentie
voor milieu en ontwikkeling van de Verenigde Naties (VN) in 1992
in Rio de Janeiro . De lidstaten hebben daar
afgesproken te streven naar duurzame ontwikkeling.
Dat hebben
ze in 2002 nog eens overgedaan tijdens de Wereldtop inzake Duurzame
Ontwikkeling van Johannesburg .
De Nederlandse
regering publiceerde al heel wat wetenschappelijke rapporten,
maar in België hebben we met Freya Van den Bossche
zeker een welgeschapen minister!
D.O. heeft dus vele facetten,
hier brengen wij er slechts een aantal ter sprake.
Daarbij vermelden
wij telkens wel in hoever ze in het SDIT Grundtvig project aan
bod (zullen) komen.